Home      Niet meer leverbaar      De zomerschool
 

 

Titel: De zomerschool
Auteur: Wiel Kusters
ISBN: 90-76043-68-x
Prijs: € 14,90
 

Fragment

1
Karlie werd wakker.
Gregor stond in zijn pyjama voor het bord en tsjiepte akelig met zijn krijtje. Karlie wreef door zijn ogen en las wat Gregor met grote hanenpoten neergeschreven had: Kukeleku!
Het volle licht van een vroege zomerdag viel door de halfgeopende luxaflex van het klaslokaal.
Tracy sliep nog, op de mat uit de gymzaal. Ze lag vreselijk te trillen.
Jessie, in haar nachthemd, drukte op de knop van de computer naast het boekenkastje. ‘Wacht, laat míj maar, ik snap het al,’ riep ze. Maar dat betekende niet veel. Ze riep zelden iets anders. En als ze eens minder opgewonden praatte, zei ze: ‘Het gaat wel, ja hoor, het gaat best.’
‘Grutjes,’ zei Gregor, terwijl hij het krijtje, dat bijna helemaal weggesleten was, in de metalen prullenbak liet landen. Hij ging hij op de stoel van de meester zitten, schoof het dikke woordenboek opzij, legde zijn hoofd op de lessenaar en viel in slaap.
De computer maakte een snurkend geluid, waar allerlei hoge en lage tonen doorheen zongen. Opeens klonk er plechtige muziek door de klas. Het beeldscherm stond vol figuurtjes, als bloemen in een groene wei. Jessie begon met de muis te schuiven en te klikken.
Karlie kwam zijn bank uit en liep naar de kraan rechts naast het bord. Hij gooide water in zijn gezicht en maakte zijn haar nat. Met zijn vingers kamde hij zijn sprieten naar achter. Misschien moest hij nu Tracy eens gaan wekken.
Hij ging op zijn knieën op het randje van de mat zitten.
‘Tracy? Tracy? Het is tijd, negen uur, we zijn begonnen.’
Tracy kwam langzaam overeind. Haar gezicht zag er een beetje gekreukeld uit. De wang waarop ze had gelegen was lichtrood, met een donkerrode streep.
‘Ik heb toch zo akelig gedroomd,’ zei ze. ‘Ik moest een tuierhamer vasthouden, om zo’n tuierpaal in de grond te slaan. Maar ik struikelde over het tuitouw. En die hamer was helemaal van vlees.’
‘Grutjes,’ zei Karlie. ‘Ik bedoel: Nee hè? En toen?’
‘Ik, eh... er kwam niets van terecht,’ zei Tracy.
Karlie hield haar hand vast terwijl ze van de mat stapte. Ze wiebelde op haar benen.
‘Ik ga er nu toch echt naar zoeken,’ zei ze. ‘Misschien dat het dromen dan ophoudt.’
Heel langzaam liep ze de klas uit, alsof ze een stok moest vasthouden waarop een schoteltje draaide, zoals je in het circus ziet.
‘Ik snap het al,’ riep Jessie, ‘laat míj maar. Ik moet zó vreselijk plassen, zóó vreselijk plassen.’
En weg was ook Jessie.
Karlie liep naar de computer en zag dat zij een e-mailtje had gekregen van iemand die Oops heette. ‘Subject: ‘Your question’, stond er. Vlug klikte Karlie op het blauwe balkje. Het bericht verscheen:

Sorry, can’t answer your second question, but it could all just get EATEN... or land in a tree? or a dozen of other unforeseen things might happen... but, miss, it was a man-eating plant... oh, sure, sure...yeah??? but, that's what happened, for sure... I'm telling you the truth...

In zijn slaap stootte Gregor tegen het woordenboek. Het viel met een smak op de grond en hing half uit zijn band. Gregor deed zijn ogen open. Het was alsof hij langzaam volliep met licht. Karlie vond het een naar gezicht. Hij draaide zich vlug om naar het beeldscherm en sloot het aan Jessie gerichte mailtje.
Nu moest hij iets tegen Gregor zeggen. Of horen wat die te vertellen had.
‘Grrrr...,’ zei Gregor met een diepe stem. ‘Grrr....’
Karlie hoopte dat hij ‘Grutjes’ ging zeggen, maar daar leek het niet op.
Gelukkig kwam de meester binnen.
Je kon niet goed zien wat er het meeste aan hem glom, zijn schoenen of zijn haar. Hij had een ietwat bol gezicht met daarin een kleine rode mond, die vanzelf een beetje vrolijk tuitte. Op zijn neus blikkerde een rond metalen brilletje. Een opgewekte man, zou je denken. Karlie wist beter. De meester maakte lange dagen. ’s Avonds hoorde je hem nog stofzuigen in de lerarenkamer en met emmers rammelen in de lege gang. Nu droeg hij een schaal met broodjes. Achter hem liep de stagiair, verantwoordelijk voor thee en melk.
‘Goed geslapen? Alles naar wens?’ vroeg de meester.
‘Alles naar wens? Goed geslapen?’ vroeg de stagiair.
‘Goed geslapen. Alles naar wens,’ zei Karlie.
‘Grrr...,’ zei Gregor.
Toen kwam Jessie binnen. Ze greep een broodje van de schaal, onder de neus van de meester vandaan, en liep ermee naar de computer.
‘Zeg, welke stinkerd heeft er in mijn e-mail zitten snuffelen?’
‘Ikke,’ zei Karlie. ‘Ik zag iets van een vraag. ‘Your question’ stond er en ik dacht: als Jessie met een vraag zit, kan ik haar misschien helpen. Ik had op mijn vorige school een 3 voor digitaal, maar een 9 voor virtueel. Volgens mij gaat het over zaad, over het zaad van een vleesetende plant. Wat wil je eigenlijk weten? Hier op school had ik een keer een 4 voor rekenen, en ook voor taal, maar wèl een 8 voor biologie. Misschien weet ík het wel. Ik zeg het je hoor, als ik het weet.’
‘Eikel!’ siste Jessie. En toen, treuriger: ‘Laat maar, ik snap het al.’
Intussen had de stagiair Gregor een broodje voorgehouden. Gregor nam een hapje maar viel onmiddellijk weer in slaap.
Karlie vulde twee bekertjes met thee, nam de schaal met broodjes die de meester op het videokastje had gezet en ging er mee op de gymnastiekmat zitten.
Als Tracy komt, gaan we ontbijten, dacht hij.

 
   
 
   
 
   
©2009 Uitgeverij TIC